Preken met een penseel
(
KvK nr. 08124725
Water des levens
NAAR STARTPAGINA
Plaatsvervangend lijden
Zoon Marcus erfde het talent van zijn vader en
volgde de kunstacademie. Met volle instemming van
zijn ouders. “De Bijbel spreekt over Aholiab en
Bezaleël. Er zijn mensen die van de Heere de gave
van de kunst ontvangen. De vraag is niet of je die
gave mag gebruiken, maar hoe je die inzet. Voor het
centrum van Ben Zvi heeft Marcus een ontwerp voor
een glas-in-loodraam gemaakt. Prachtig!
Wel is waar wat een van zijn docenten zei: ‘Welkom
bij de armoedzaaiers’.”
Door de presentaties komt het Garderense
predikantsechtpaar in allerlei kerkelijke kringen. “Van
Baptistengemeente tot Christelijke gereformeerde
kerken. Dat vindt ik heel mooi. We waren eens bij
de Gereformeerde bondsgemeente van Capelle aan
den IJssel, voor een presentatie op een
ouderenmiddag. De predikant was er ook. Bij die
man proefde ik een gezonde argwaan. ‘Een dominee
die schildert, kan dat wel wat wezen?’ Wat ik aan de
hand van de schilderijen vertelde, bleek echter
volledig aan te sluiten bij zijn preek van de zondag
ervoor. Dat ervoer hij als een bemoediging. Ik kom
ook graag in kringen waar het Evangelie niet of
nauwelijks meer wordt verkondigd. Bij de afbeelding
van de zondebok probeer ik altijd iets te vertellen
over het plaatsvervangend lijden en sterven
van Jezus. In veel gemeenten horen ze daar nooit
meer over. Terwijl het de kern van het Evangelie is.”
Ter Dege, 29 Okt 2008
Tekst en foto’s overgenomen
(Vervolg)
Messiasbelijdende joden
Omdat de opbrengsten toenamen, is het werk sinds 2003
ondergebracht in de stichting ‘Uit Uw hand’. “We hoeven er
zelf financieel niet beter van te worden, al het geld dat
overblijft is voor een
goed doel. We steunen daarmee de messiasbelijdende
joodse predikant Jossi Ben Zvi in Jeruzalem en een
messiasbelijdende jood in Noord-Israël, die daar een soort
gaarkeuken heeft voor mensen
die maatschappelijk aan de grond zitten. In Januari heb ik
een weekje meegelopen. Twee keer had ik de gelegenheid
om het Evangelie te delen met joodse mensen. Dat vond ik
heel bijzonder.
Tijdens mijn studietijd zijn mijn ogen ervoor opengegaan
dat God Zijn volk niet heeft verstoten. Paulus is daar in zijn
brief aan de Romeinen heel duidelijk over. Er is nog een
toekomst voor Israël.
Tijdens mijn studietijd had ik met drie andere studenten
een gesprek daarover met Rebecca de Graaf-van Gelder.
Binnen vijf minuten lag haar Bijbel op tafel. Wij hadden de
onze niet meegenomen.
Dat vond ze schandalig. Dat heeft me geleerd altijd een
Bijbel bij me te hebben. Rebecca de Graaf bevestigde wat ik
al had ontdekt door het bestuderen van Romeinen 9 tot 11.
Later kwam Da Costa
in mijn gezichtsveld. We beseffen vandaag veel te weinig
dat het heil uit de joden is. ‘Eerst de jood, maar ook de
Griek.’ Als je dat gaat zien, raak je vanzelf betrokken op
Evangelieverkondiging
onder de joden.”
Beperking
De gemeenteleden zijn eraan gewend dat de dominee in
zijn vrije tijd schildert en daar ook iets mee doet op het
brede kerkelijke erf. “Ik ben ermee begonnen in mijn
vorige gemeente, dus het was
al bekend toen ze me beriepen. Ze kregen het er gratis bij,
zal ik maar zeggen.”
De meeste schilderijen zijn de vertolking van een preek.
Ook een beperking, beseft de maker. “Je verstolt een
onderdeel van je preek in beeld, de verkondiging is altijd
rijker. Het is ook nooit zo dat tekstkeuze kom. Het beeld
bepaalt niet het Woord, het Woord bepaalt het beeld. We
leven in een tijd waarin de beeldcultuur dominant is. Wil je
in de prediking iets duidelijk maken, dan zul je beeldend
moeten spreken. Dat deed Paulus ook al. Hij zegt tegen de
Galaten dat hij hen Jezus Christus voor de ogen heeft
geschilderd. Maar wel met woorden. Gisteren
heb ik uit Zacharia 4 gepreekt, over de tekst ‘Niet door
kracht, noch door geweld, maar door Mijn Geest zal het
geschieden.” Met dat prachtige beeld van de menorah.
Daar heb ik een schilderij van gemaakt. Dat had ik mee
kunnen nemen, maar dat wil ik niet. In de kerk moet het
Woord klinken. Doel van de schilderijen is mensen weer bij
het Woord te brengen.”